Alcohol & drugsonderzoek

Het screenen op alcohol en drugs wordt op veel verschillende gebieden toegepast. Hieronder beschrijven wij de verschillende mogelijkheden.
KFT 211111 Maasstad Ziekenhuis 192copy

Wat houdt een drugsscreening in?

In het kader van behandeling, diagnostiek of controle kan een drugsscreening nodig zijn. Wij zijn actief op het gebied van drugsscreeningen voor verschillende instellingen en bedrijven. Controle op drugs gebeurt met name in urine en bloed. Analyses kunnen zowel kwalitatief (aantoonbaar/niet aantoonbaar), semi-kwantitatief (de gevonden uitslag geeft een indicatie over de werkelijke concentratie) als kwantitatief plaatsvinden, al naar gelang de situatie dat vereist.

De instellingen waarvoor wij drugsscreeningen uitvoeren zijn voornamelijk jeugdinrichtingen, TBS-klinieken en verslavingsinstellingen. Verder zijn wij één van de drie Europese laboratoria die door het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) zijn aangewezen om in het kader van de wet middelenonderzoek bij geweldplegers en de Wegenverkeerswet onderzoek te doen naar alcohol- en drugs in volbloed.

Wij kunnen assisteren bij ‘Work Place Drug Testing’. We hebben hier jarenlange ervaring mee en bieden een uitgebreide dienstverlening aan, waaronder internationale alcohol- en drugscreening aan voor de offshore- en scheepvaartsector. Het is ook mogelijk om via ons te testen op nieuwe psychoactieve stoffen (NPS), oftewel designer drugs. Meer informatie over designer drugs vindt u hier.

Terminologie

Op 18 maart 1998 heeft de Gezondheidsraad een advies uitgebracht aan de minister van VWS (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) over het onderzoek op drugsgebruik. Het doel van dit advies was het geven van richtlijnen voor urineonderzoek bij drugsverslaafden, zowel ten behoeve van de drugshulpverlening als van penitentiaire inrichtingen. In dit rapport wordt een bepaalde terminologie gehanteerd, die wij graag overnemen.

Bereidheidsverklaring medewerking screening

Hierbij verklaart de medewerker dat hij akkoord gaat met het testen op alcohol en drugs en zijn volledige medewerking zal verlenen. Download hieronder het formulier.

Wat zijn de mogelijkheden?

    Screening

    Dit is het allereerste onderzoek op de urine. Hierbij wordt de urine gescreend met behulp van antilichamen in de aanwezigheid van (een groep van) drugs en/of hun metabolieten. Als de waarde boven een bepaalde grens komt, de afkapwaarde (ook wel cut-off genoemd), spreken we van een positieve uitslag. Juiste interpretatie van de gegevens en context is hierbij echter extreem belangrijk.

    Lees meer

    Na het gebruik van drugs zal het lichaam deze stoffen, al dan niet gemetaboliseerd, uitscheiden in o.a. urine en feces. In urine kan de oorspronkelijke stof of één van de metabolieten m.b.v. een immunochemische screeningstechniek of een chromatografische techniek (GC/MS, GC, HPLC, LCMS) worden aangetoond.

    Routinematig screenen

    Routinematig kan een screening op de onderstaande (groepen) drugs worden uitgevoerd:

    • Opiaten o.a. heroïne, morfine, maar ook codeïne
    • Amfetamines o.a. amfetamine, methamfetamine, phentermine
    • Cocaïne metaboliet Benzoylecgonine
    • Barbituraten o.a. fenobarbital (Luminal)
    • Benzodiazepines o.a. diazepam (Valium), chloordiazepoxide (Librium), flunitrazepam (Rohypnol), nitrazepam (Mogadon), temazepam (Normison)
    • Methadon
    • Cannabinoïden (THC) 11-nor-Δ9-THC-9-COOH
    • Phencyclidine
    • MDMA (= XTC)
    • LSD (lysergzuurdiethylamide), nor-LSD
    • Ethanol (alcohol)
    • Ethanol metaboliet Ethylglucuronide

    Bij de door het MaasstadLab uitgevoerde drugscreening wordt de EWDTS en/of de SAMHSA-norm aangehouden. In Europa heeft de EWDTS (European Workplace Drug Testing Society) en in de Verenigde Staten heeft de SAMHSA (Substance Abuse and Mental Health Security Agency (voorheen NIDA)) richtlijnen opgesteld voor het testen (van werknemers) op drugs. De EWDTS/SAMHSA stelt o.a. vast welk cut-off level gehanteerd moet worden alvorens de conclusie “positief” getrokken mag worden.

    Cut-off waarden

    Onderstaand de cut-off waarden die gehanteerd worden bij de screening op drugs:

    • Opiaten: 300 µg/L morfine
    • Barbituraten: 200 µg/L secobarbital
    • Benzodiazepinen: 200 µg/L oxazepam
    • Cocaïne: 150 µg/L benzoylecgonine
    • Methadon (EDDP): 100 µg/L ethyleen-dimethyl-diphenylpyrrolidine
    • Amfetamines: 500 µg/L d-methamfetamine
    • Cannabinoïden*: 50 µg/L THC-COOH
    • Phencyclidine: 25 µg/L phencyclidine
    • LSD: 1 µg/L LSD
    • XTC: 300 µg/L MDMA
    • Ethanol: afhankelijk van materiaal.
    • Ethylglucuronide: 500 µg/L

    *Er worden voor cannabinoïden door andere (buitenlandse) laboratoria wel andere grenzen gehanteerd, bijv. 20 µg/l of 100 µg/L. Voor cannabinoïden wordt, in navolging van de Amerikaanse richtlijnen (SAMHSA) en de Europese richtlijnen (EWDTS) door het MaasstadLab een cut-off van 50 µg/L gebruikt. Positieve THC-monsters (= boven de cut-off) worden gerapporteerd als een getal boven de 50.

    drugsscreening maasstadlab 1
    KFT 211111 Maasstad Ziekenhuis 188copy

    Herhalingsonderzoek

    Dit is een onderzoek op dezelfde urine door hetzelfde laboratorium; hiervoor wordt op uw verzoek hetzelfde monster (A) dat wij bewaard hebben nogmaals gemeten door middel van screening.

    Contra-expertise

    We spreken van een contra-expertise wanneer de analyse nogmaals wordt uitgevoerd op dezelfde urine, maar dan het tweede monster (B, verkregen door direct na de monstername het monster over twee buisjes te verdelen). Een contra-expertise wordt bij voorkeur uitgevoerd door een ander laboratorium, maar volgens dezelfde methode als gebruikt bij het eerste onderzoek.

    Algemeen 211111 Maasstad Ziekenhuis 205
    Algemeen 211111 Maasstad Ziekenhuis 307

    Bevestigingsonderzoek of confirmatie-onderzoek

    Indien de geteste persoon het niet eens is met de positieve screeningsuitslag – ook na een eventueel herhalingsonderzoek of contra expertise – en gebruik blijft ontkennen, bestaat de mogelijkheid een bevestigingsonderzoek aan te vragen.

    Lees meer

    Dit onderzoek wordt uitgevoerd met behulp van GC/MS of LC/MS en geeft onbetwiste resultaten. Deze analysemethode heeft ook juridische geldigheid. Bij  positieve uitslagen kiezen wij ervoor om standaard een bevestigingsonderzoek met GC/MS en LC/MS te laten uitvoeren.

    GC/MS staat voor gaschromatografie/massaspectrometrie. LC/MS staat voor vloeistofchromatografie/massaspectrometrie. Met behulp van gaschromatografie (GC) of vloeistofchromatografie (LC) worden componenten die aanwezig zijn in de urine van elkaar gescheiden. De detectie van deze componenten vindt plaats door middel van massaspectrometrie (MS). Bij massaspectrometrie worden componenten met elektronen gebombardeerd waardoor deze componenten uiteenvallen in verschillende massa’s. Deze massa’s leveren een voor de component zeer specifiek plaatje op, dat uniek is voor iedere component. Dit plaatje noemen we een massaspectrum. Aan de specificiteit van het massaspectrum leent de GC/MS of LC/MS methode zijn juridische geldigheid.

    Cut-off waarden

    De cut-off waarden die gehanteerd worden bij het bevestigingsonderzoek op drugs:

    • Opiaten: 300 ug/L morfine
    • Barbituraten: 150 ug/L secobarbital
    • Benzodiazepinen: 100 ug/L oxazepam
    • Cocaïne: 100 ug/L benzoylecgonine
    • Methadon: 250 ug/L methadon
    • Amfetamines: 200 ug/L amfetamine
    • Cannabinoïden: 15 ug/L THC-COOH
    • Phencyclidine: 25 ug/L phencyclidine
    • LSD: 0.5 ug/L LSD
    • XTC: 200 ug/L MDMA
    • Ethanol
    • Ethylglucuronide: 300 µg/L

     

    De rapportage

    De rapportage van een bevestigingsonderzoek is anders dan de rapportage voor een screening. Wanneer we een component in een concentratie boven de bepalingsgrens vinden, dan geven we in de rapportage aan dat we de component hebben aangetoond. Tevens vermelden we in de rapportage de concentratie van de aangetoonde component. Dit betekent dat de uitslag positief is voor deze component. Indien we geen componenten aantonen, of de concentratie onder de cut-off waarde voor bevestigingsonderzoek is, dan is de uitslag negatief.

    De hoogte van de uitslag die gevonden wordt met GC/MS of LC/MS is in het algemeen niet vergelijkbaar met de hoogte van de uitslag van de screening.

    Voorbeeld 1: Wanneer we een bevestigingsonderzoek uitvoeren op opioïden, dan kunnen we morfine, 6-mono-acetyl-morfine (metaboliet van heroïne) en codeïne van elkaar onderscheiden. Dit kan niet met een screening.

    Voorbeeld 2: Wanneer we een bevestigingsonderzoek uitvoeren op cannabis, dan kijken we alleen naar de belangrijkste metaboliet 11-nor-delta-9-THC-9-COOH. Bij de screening worden ook de overige metabolieten meebepaald.

    Afnameprocedure

    Het is belangrijk dat de gecontroleerde persoon is verzekerd van een procedureel juiste gang van zaken tijdens een urinecontrole. Deze gang van zaken wordt beschreven in de zogenaamde “Chain of Custody”. Hierin wordt het traject van registratie van de urinedonatie tot de rapportage van de uitslag van het onderzoek beschreven. Daarbij staan alle handelingen beschreven, zodat deze getoetst kunnen worden aan kwaliteitscriteria. 

    Lees meer

    Het traject van deze handelingen kan worden voorgesteld als schakels die een hechte ketting (chain) moeten vormen. De zorg en bewaking van de kwaliteit van deze schakels staan beschreven in de Chain of Custody.

    De Chain of Custody kent een aantal schakels, waarbij het adagium “een ketting is net zo sterk als zijn zwakste schakel” geldig is. Handhaving van procedures ondergaat continue een proces van optimalisering, vernieuwing en controle van de gevolgde procedure. Dit geheel vormt een waarborg voor het verkrijgen en het handhaven van een zo hoog mogelijke eindkwaliteit.

    Onderstaand wordt een richtlijn gegeven voor een Chain of Custody. Uiteraard kan een eigen invulling aan de richtlijn gegeven worden. Het is van belang dat in iedere instelling/bedrijf de procedure rond het afnemen en versturen van de monsters goed beschreven staat en wordt nageleefd.

    De schakels die in de Chain of Custody een rol spelen zijn achtereenvolgens:

    • Registratie
    • Afname
    • Versturen
    • Ontvangen
    • Analyseren
    • Resultaat
    • Interpretatie

    Registratie

    Een aantal gegevens van de te controleren persoon wordt, wanneer deze persoon is opgeroepen voor een drugscontrole, op een aanvraagformulier (zie formulieren) genoteerd. Dit aanvraagformulier dient volledig te worden ingevuld, zodat geen misverstand kan bestaan over van wie het urinemonster afkomstig is en op welke drugs dient te worden gecontroleerd.

    Afname

    De plaats waar urine wordt afgenomen moet rustig gelegen zijn, de afnamegetuige mag niet door anderen afgeleid worden, er mag geen fonteintje en zeep zijn om handen te wassen. De afnamegetuige moet goed op de hoogte zijn van de juiste procedures en alle trucjes kennen die bij afname gebruikt worden om de urine te verontreinigen/verdunnen.

    De afnameprocedure is als volgt:

    1. Oproep
    De te testen persoon weet dat een urinemonster van hem of haar wordt afgenomen, danwel de te testen persoon wordt onverwachts op de hoogte gebracht van het feit dat hij of zij urine moet afgeven.

    2. Registratie
    Het aanvraagformulier wordt ingevuld en de te testen persoon krijgt een instructie over de te volgen procedure.

    3. Keuze opvangbeker
    Op een tafel staan meerdere opvangbekers. De te testen persoon kiest een opvangbeker. De instelling/het bedrijf dient grote zorg te besteden aan de opvangbekers. Het opvangmateriaal moet schoon (geen zeepresten en dergelijke) zijn, geen ongewenste deeltjes bevatten en niet vervormd of verkleurd zijn. Indien u gebruik maakt van de BD Vacutainer® klik hier voor instructies.

    4. Plassen onder toezicht
    De te testen persoon plast onder toezicht in de beker.

    5. Keuze buizen voor verdeling van de urine
    De te testen persoon kiest twee buizen die A en B worden genoemd. De urine wordt onder toezicht van de te testen persoon verdeeld over de twee buizen. De doppen worden goed vastgedrukt en de buizen worden op de kop gehouden om te controleren of ze niet lekken. De buizen worden hierna verzegeld. Het zegel dat door het laboratorium wordt geleverd is voorzien van permanente lijm.

    Hetzelfde nummer met barcode dat bij het aanvraagformulier zit wordt zowel op buis A, buis B als op het aanvraagformulier geplakt. Voor een goede verwerking is het van belang dat de barcodesticker op de juiste manier op de buis geplakt wordt. Hierbij wijst de pijl op de barcodesticker naar de boven- of de onderkant van de buis.

    6. Controle van het invullen en plakken van de barcodestickers
    In het bijzijn van de te testen persoon wordt gecontroleerd of het aanvraagformulier goed is ingevuld en of op de urinebuizen de juiste nummers (barcodestickers) – overeenkomend met die op het aanvraagformulier – zijn geplakt.

    7. Medicatie
    Er wordt gevraagd naar het eventuele gebruik van medicijnen in de drie dagen voorafgaand aan de controle. Hieronder vallen ook vitamines, homeopathische middelen, anticonceptiva e.d.. Het vermelden van de gebruikte geneesmiddelen op het aanvraagformulier is van belang voor het interpreteren van de uitslag.

    8. Ondertekening door de te geteste persoon
    De geteste persoon dient zijn handtekening te zetten in de betreffende ruimte op het aanvraagformulier ten tijde dat de procedure correct is verlopen. Zijn er klachten, dan kan hij deze kenbaar maken op het formulier, maar het formulier dient wel getekend te worden.

    9. Versturen
    Buis A wordt met het aanvraagformulier verpakt in een verzendetui. Vervolgens worden de buizen en het aanvraagformulier naar het laboratorium gestuurd.

    Monster A en het aanvraagformulier worden naar het laboratorium gestuurd. Monster B wordt door de instelling/bedrijf bewaard, bij voorkeur in een afsluitbare vriezer.

    10. Ontvangen
    Bij ontvangst door het laboratorium wordt gecontroleerd of het aanvraagformulier juist is ingevuld. Bij een screening wordt monster A tot aanvang van de analyse in een koelkast bewaard.

    11. Analyseren
    Om een goede kwaliteit van de analyses te waarborgen, zullen laboratoria zich moeten richten naar de kwaliteitseisen die voor goede laboratoria gelden.

    Bijvoorbeeld:

    • Er moeten geschikte ruimtelijke voorzieningen zijn waarbij de temperatuur van de omgeving zeker niet boven de 30ºC mag komen. Apparatuur mag niet in direct zonlicht opgesteld zijn.
    • Vanuit het organogram moeten de verantwoordelijkheden voor het personeel uitgewerkt zijn.
    • Er moet getraind personeel zijn dat de apparatuur goed kan bedienen en dat medicatie op het aanvraagformulier kan interpreteren in relatie tot de uit te voeren test.
    • Het personeel moet bekend zijn met goede opslag van de reagentia en vervaldata van de reagentia.
    • Het consequent werken volgens de regels van urineverzameling, bewaking van logistiek en documentatie horen tot de dagelijkse taakinvulling van de analisten.
    • De gebruikte testen moeten wetenschappelijk relevant zijn.
    • Er dient een adequaat kwaliteitssysteem te zijn en te worden onderhouden.
    • Er moet deelgenomen worden aan externe, open en blinde kwaliteitstesten; hierbij kunnen systematische fouten aan het licht komen.
    • Kwaliteitstesten van de apparatuur, servicerapporten en vervanging van onderdelen moeten in een logboek opgenomen zijn.

      Wanneer een analist de urinecontrole gaat uitvoeren, worden de gegevens van de geteste persoon ingevoerd. Na de analyse worden de monsters met een negatieve uitslag gedurende 2 weken in een diepvries bij -20ºC bewaard en monsters met een positieve uitslag gedurende 1 jaar in een diepvries bij -80ºC.

      12. Resultaat en rapportage
      Wanneer de testen klaar zijn en de kwaliteitscontroles kloppen, worden de ingevoerde gegevens van het aanvraagformulier en de verkregen uitslagen door een tweede analist op juistheid gecontroleerd en geparafeerd. De uitslagen worden vervolgens per post naar de instelling/het bedrijf verstuurd. Indien beschikbaar kan de uitslag via beveiligd mailen worden verstuurd. Voor meer informatie hierover en de mogelijkheden voor uw instelling/bedrijf kunt u contact opnemen met onze relatiebeheerder.

      Neem contact op

      211111 Maasstad Ziekenhuis 30

      Hulp nodig?

      Heeft u interesse in één van onze diensten, of kunt u op de website niet de informatie vinden die u nodig heeft? Neem dan gerust contact met ons op, wij helpen u graag verder.

      Maasstad Ziekenhuis hulp nodig 211111 32

      FAQ

      Hoe kan ik een urine controle (UC) goed aflezen?

      Het aflezen van een UC verschilt per merk en type. Wij kunnen per klant niet aangeven hoe een UC afgelezen moet worden, omdat we niet weten welke UC types er allemaal in gebruik zijn.

      Zijn er factoren die een urine controle (UC) kunnen beïnvloeden?

      Urine drugsscreening kan vooral beïnvloedt worden door verdunning van het monster (al dan niet opzettelijk). Hiervoor meten we ook altijd het kreatinine gehalte in de urine. Voor verdere uitleg zie hieronder.

      Wat is de betekenis van kreatinine concentratie?

      Bij alle drugsscreeningen wordt ook een kreatinine bepaling uitgevoerd. Het resultaat van deze bepaling wordt op de rapportage vermeld. Hieronder staat de betekenis van de kreatinine concentratie uitgelegd.

      Kreatinine is een stof die vrijkomt bij spieractiviteit. Kreatinine is dus een afvalproduct dat via de nieren in de urine wordt uitgescheiden. Kreatinine komt dan ook altijd bij ieder mens in de urine voor. Het niet aanwezig zijn van kreatinine in een monsters is voor ons een aanwijzing dat er geen urine is ingeleverd, maar iets anders. Bij een lage kreatinine concentratie in de urine is er mogelijk sprake van verdunde urine. De kreatinine concentratie is o.a. afhankelijk van de hoeveelheid vocht die er is ingenomen. Uit diverse onderzoeken is gebleken dat de uitscheiding van kreatinine vrijwel constant is, met een lichte verhoging bij de eerste ochtendurine. Daar kreatinine een afvalproduct van de spieren is, is de concentratie in de urine ook afhankelijk van leeftijd, geslacht en lichaamsbouw. Zo kan het voorkomen dat de urine van mensen met weinig spierweefsel een relatief lage kreatinine concentratie vertoont.

      Aan de hand van diverse onderzoeken en de richtlijnen van de EWDTS/SAMSHA hanteren wij bij het MaasstadLab de volgende grenzen:

      “De kreatinine concentratie van urine is kleiner dan 2,0 mmol/L; De integriteit van het urinemonster is twijfelachtig.”

      De urine kan namelijk zover verdund zijn dat eventueel aanwezige drugs zover meeverdund kunnen zijn dat de concentratie hiervan onder de afkapwaarde is gekomen. De verdunning kan bijvoorbeeld veroorzaakt zijn door veel extra vochtinname (al dan niet opzettelijk) of door het toevoegen van water aan het reeds geproduceerde monster.

      Bij onderzoeken uitgevoerd in de Verenigde Staten, is gebleken dat in monsters waarvan vermoed werd dat deze verdund waren, vaker drugs werd aangetroffen dan in monsters die niet verdund waren! Dit geeft aan dat de urinemonsters waarschijnlijk met opzet verdund zijn om gebruik te maskeren.

      “De kreatinine concentratie is kleiner dan 0,2 mmol/L; Het monster is zeer waarschijnlijk geen urine.”

      In de meeste gevallen hebben we te maken met water. Ook wanneer bijvoorbeeld appelsap is ingeleverd zal de concentratie kreatinine < 0,2 mmol/L zijn.

      Rekening houdend met bovenstaande is het dan ook belangrijk dat u de afnametijd op het aanvraagformulier noteert.

      Cannabis/kreatinine ratio
      Cannabis is een stof die lang in de urine aantoonbaar is. Nadat het gebruik gestopt is kan in de daarop volgende weken de concentratie cannabis variëren.

      In sommige gevallen is zelfs een stijging in cannabis concentratie waarneembaar, zonder dat er van bijgebruik sprake is. De variatie in de cannabis concentratie wordt veelal veroorzaakt door variatie in vochtinname en daarmee de variatie in de geproduceerde hoeveelheid urine. Voor deze vochtinname kunnen we corrigeren door de kreatinine concentratie te meten. Kreatinine wordt redelijk constant uitgescheiden en zal ongeveer evenveel invloed ondervinden van variatie in vochtinname als de uitscheiding van cannabis.

      Hieronder is een voorbeeld weergegeven van de variatie van de cannabis concentratie en de correctie m.b.v. de cannabis/kreatinine ratio. Deze ratio is een maat voor de afname/toename van de cannabis concentratie.

      faq afb 1

      faq afb 2

      In de tabel en de grafiek zien we op dag 11 een stijging van de cannabis concentratie. Echter ook de kreatinine concentratie is hoger dan de voorgaande dagen. Door berekening van de cannabis/kreatinine ratio kunnen we concluderen dat er ondanks de stijging van de cannabis concentratie geen bijgebruik is daar de ratio daalt. Hetzelfde geldt voor dag 27. Ook hier stijgt de cannabis concentratie maar daalt de ratio of blijft deze vrijwel gelijk. Op dag 21 echter zien we een stijging van de cannabis concentratie terwijl de kreatinine concentratie normaal is. Berekening van de cannabis/kreatinine ratio leert ons dat deze toeneemt van 4,3 naar 11,8. Er mag hier dan ook geconcludeerd worden dat er sprake is van opnieuw gebruik van cannabis.

      Wanneer heeft een cliënt weinig gebruikt en wanneer heeft een cliënt veel gebruikt? (wanneer is iets boven de norm en wat zegt dit over de hoeveelheid/dosering van de middelen die tot zich zijn genomen?)

      Het is niet mogelijk iets te zeggen over veel of weinig gebruik indien de innametijd en de dosis niet bekend zijn. Deze twee zaken staan namelijk in verband met elkaar. Als je bijvoorbeeld heel veel hebt gebruikt is het ook langer aantoonbaar en is de concentratie die je vindt ook afhankelijk van het tijdstip waarop je het monster hebt afgenomen ten opzichte van het tijdstip van gebruik. Dit geldt natuurlijk dan ook bij minder gebruik als ook frequent gebruik.

      Waar kan ik terecht voor het aanvragen van tegenonderzoek NFI?

      Voor het aanvragen van tegenonderzoeken van het NFI (Nederlands Forensisch Instituut) kunt u mailen naar: administratiemaasstadlab@maasstadziekenhuis.nl.

      Wij streven ernaar uw mail binnen twee werkdagen te beantwoorden. Om de afhandeling correct en efficiënt te laten verlopen, worden tegenonderzoeken uitsluitend per mail behandeld en niet telefonisch.

      Voor verdere vragen kunt u terecht op de pagina: Wat kan ik doen als ik het niet eens ben met de uitslag van een ademanalyse of bloedonderzoek na een geweldsdelict?

      Labdiagnostiek is onderdeel van

      Maasstad
      VWB
      SMC